Let's talk a while!

Hey. Ik ben anke, x years old en woon in belgië. #noodzakelijk om te weten natuurlijk.  Deze blog is er zeg maar ene beetje om (eerst letterlijk!) mn verhaal op te posten. Zo kan je toch redelijk veel kwijt. Ik heb een probleem waarover ik liever praat, dat wil niet meteen zeggen dat het niet waar is of ik aandacht tekort heb. so what dan loop ik wel bloot over de straat okay Dit is dus alleszins mijn manier om dingen ter woorden te brengen, en andere het beter te laten begrijpen. Mijn dromen te gaan nastreven en geloven! #ik zet mn blogs btw altijd meteen online zonder ze aan te passen of idk, dat komt té geforceerd over snapje.  Het 1e deel vd blogs is een verhaal, mijn verhaal maar dan met aanpassingen daarna ga ik gewoon dagblogje spelen.  

#4 ALTIJD WINTER!

Huilend en bovendien zakdoek loos, snotteren mijn moeder en ik elkaar helemaal onder. Wanneer een blondharige verpleegster binnenkomt, bekijkt ze ons alsof we gemuteerde aliens zijn. Plots voel ik me beschaamd en duw mama van me af. Haar ogen staan gekwetst, maar wanneer de blondharige vrouw tegen haar begint te praten, draait ze zich volledig van me weg. ‘Ik zie dat jullie de kamer al hebben gevonden.’ Nee, doe niet zo dom ze hebben me gebracht. Ik viel zo recht uit de hemel neer in deze hel. Ze richt d’r blik t op haar klembordje en kijkt me vervolgens aan. ‘Jij bent vast Cara, aangenaam! Ik ben Lien, je hoofdverpleging voor deze week.’ Ze glimlacht naar me. Op het eerste zicht lijkt ze okay, die Lien. Zo lang ze zo blijft tenminste. ‘We gaan je hier goed verzorgen, maar dan moet je zelf ook gaan meewerken, oké? Ik kan begrijpen dat eetproblemen moeilijk zijn, maar het is de bedoeling dat je hier toch al een stukje beter wordt’, zegt ze met zachte stem. Daar gaat mijn goede indruk van haar, alsof Lien gewoon probeert kleine Cara’s verscheurde leven te laten branden. Wat weet zij er nou van? En hoezo eetprobleem, ik toch niet? Wat heeft iedereen hier toch. Ik besluit mijn reactie maar in te slikken, veel zinnigs zal haar antwoord toch niet bevatten. ‘Zo, kijken jullie dan nog maar even wat verder rond, dan  kom ik over een halfuurtje de formulieren ophalen.’ Ze schenkt mijn moeder een kleine knipoog en verdwijnt door de deur. Meteen schiet ik weer in actie. ‘Mams, ben je zeker dat je dit wil?’ Als het moet speel ik al mijn troeven uit, zolang ik hier maar niet hoef te blijven. Ik heb zoveel beters te doen; lekker chatten, sporten en muziek luisteren. Nouja alleszins betere dingen dan hier levenloos op een onzacht, hard bed te liggen mijlenver van huis, waar ze me volproppen met brood, yoghurt en andere rommel die ik niet mag.  Mama staart even in mijn ogen, en ik zweer je dat die boekdelen spreken, waarna ze langzaam het hoofd schudt. Ik slaak een zucht van opluchting, allerlei herinneringen van emoties gaan door me heen. Voel ik daar nou verlossing, een tikkeltje angst of misschien wel irritatie? ‘Maar dat wil niet zeggen dat dit niet het beste voor je is Cara. Deze mensen weten heus wel wat ze doen en, zeg nou zelf, zie je dan niet hoe je eraan toe bent?’, weerlegt ze haar foute spoor. Woede overheerst duidelijk als ik haar aankijk en zo vuil als ik kan fluister: ‘als je dat ding tekent’, waarbij ik uitdrukkelijk naar de stapel papieren wijs, ‘wil ik je nooit meer spreken.’ Mijn ogen schieten vuur. Zonder ook maar enige reactie te geven draait ze zich weer om en krabbelt ze, met meer snelheid en overtuiging dan ik haar ooit zal doen, meermaals haar handtekening neer. Ik weet niet wat ik zie. Ze meent het, het staat vast dat dit mijn verblijf wordt voor de komende periode. Lees verder...

#3 ALTIJD WINTER!

Mijn moeder helpt me weer rechtop en zo wankelden we samen het krappe onderzoekskamertje buiten. Alles draait, maar ik sta tenminste stevig met mijn voeten op de grond. Waar ze horen. Godzijdank ben ik daar weg. Ik knal de deur achter me dicht, waarop ik een grijns niet kan onderdrukken. Mijn moeder waarschuwt me met afkeurende blik, maar het deert me eigenlijk niet echt. In een poging haar te ontwijken, kijk ik om me heen. Ik sta precies in het centrum van de wachtkamer (die eigenlijk meer een immense hal is), omringd door koffie kletsende verpleegkundigen en daardoor geïrriteerde patiënten. Ik merk een oude man en vrouw met 2 kinderen op, alletwee kleutermeisjes en zo te zien ook nog tweeling. De ene net iets groter dan de andere, en voorzien van een andere kleur laarsjes. Ze kijkt me kinderlijk gelukkig aan, haar zusje lijkt er veel slechter aan toe. Het meisje is bleek, en heeft eerder een groene dan roze kleur. Daar is iets goed mis, en daarvan is de moeder zich ook bewust. Ze sust haar dochter zo goed ze kan, en wacht ongeduldig tot een verpleger zonder gespreksstof haar hulp aanbiedt. Ik heb medelijden met d’r   en geef haar een bemoedigend knikje. Alsof ze mij hetzelfde geluk toewenst, steekt ze haar duim omhoog en schenkt me een glimlach. Wacht, waar kwam dat van? Ik had en heb geen succes, laat staan geluk nodig. Met mij gaat het prima. Wat dat oude gekke mens van daarnet (ohja, dokter Huygens heette ze!) zegt doet er niet toe. Ik word door mijn moeder meegetrokken en neergeduwd op één van de honderden identieke Ikea stoelen die waarschijnlijk in dit gebouw aanwezig zijn. Vlak boven onze neus hangt een klok, typisch zo eentje dat je enkel verwacht in saaie, zakelijke gebouwen. Ik vraag me af of ze hiermee trachten de boel nog meer te verzieken.  Verzieken, ziekenhuis: snap je ‘m? Zelfs lachen lukt me niet. Minuten sluipen voorbij, en mijn geduld raakt langzaam op. ‘Gaan we nou nog naar huis of hoe zit dat?’  Lees verder...

#2 ALTIJD WINTER!

#Flashback 30/10/10; ‘Nee mama nee nee nee ik heb al gezegd dat ik niet mee ga!’ Ik was nog nooit zo woest geweest geloof ik. Waarom moest ze altijd proberen me te overhalen terwijl ze wist dat ik toch niet zou toegeven? ‘De dokter heeft gezegd dat het alleen maar voor een onderzoek is Cara, dus waarom doe je zo moeilijk?’ Ik keek recht in mijn moeders’ bezorgde ogen. Ze zuchtte. ‘Doe het voor mij schatje, ik wil gewoon weten waarom je er zo belabberd uitziet. Liever nu dan morgen!’ Ze weet niet wat ze zegt. Ik voel me geweldig. ‘Ik heb je toch al gezegd dat ik gewoon griep heb..’ Ik haalde mn schouders op. ‘Geneest vast vanzelf weer, dat is altijd zo.’ Mama wist niet wat ze moest zeggen en staakte de discussie. Dit duurde al een dik half uur, eindelijk gaf ze ’t op. Ze verdween weer in de keuken en ging verder met het maken van d’r misbaksels. Vanochtend had ze plots besloten appeltaartjes te gaan bakken. Daarvan zou ik me beter voelen.  Ik wilde niet helpen, en dat is waar het hele gezeur begon. Vroeger bakten we altijd samen. Ze wilde weten waarom ik zou weigeren. Omdat, liefste mams, vroeger voltooid verleden tijd is. Daar denk ik niet meer aan. Vroeger was ik een echte jonge vrouw, onbezonnen en overgoten met een dikke laag vet. Die laag hield alles tegen, alles wat ik zag was eten. Dat is nu anders. Momenteel ben ik een prachtig meisje, ettelijke kilo’s rottigheid lichter. Ik eet amper nog, behalve wanneer mijn ouders kijken. Dan sabbel ik op een vieze, dodelijke rijstwafel. Die komt er later weer uit, maar dat hoeft niemand te weten.  Lees verder...

#PROLOOG ALTIJD WINTER!

# Winter en zomer. 2 verschillende begrippen. Verschillende werelden met gelukzalige maar duistere kanten. Niets is wat het lijkt wanneer zomer zich verschuilt achter winter.

 

Ik trek de capuchontrui over m’n hoofd en vervolgens ook de trui eronder. Mijn jeans ritst open, glijd langs mijn benen naar beneden en belandt op de tafel, evenals de lange kniesokken. Met trillende handen pruts ik aan de bandjes van mijn lievelingsbeha en leg hem neer op de stapel kleding. Blauwkleurige handen kruisen zich over m’n borst en proberen tevergeefs te verbergen dat ik geen jonge vrouw ben. Ik ben gewoon een meisje.

Lees verder...